Hoe willen wij werken? Ondanks of dankzij AI.
Zoals dat altijd gaat bij de opkomst van nieuwe technologie, is ook de introductie van AI wat mij betreft vooral chaotisch en vliegt alle kanten op. Wel productiviteit, hoge tokenkosten, banen die ontstaan en die verdwijnen. En omdat het nu om de kenniswerker gaat, zijn nog meer mensen bang hun baan te verliezen en ondernemers bang om achter te lopen. Maar hoe langer ik me bezighoud met AI en werk, hoe meer ik denk dat we de belangrijkste vraag blijven missen. De vraag is niet wat AI van mensen kan overnemen, maar wat wij willen doen met de menselijke capaciteit die daardoor vrijkomt.
De afgelopen tijd heb ik een aantal artikelen naast elkaar gelegd die diverse denkrichtingen geven over AI, zoals economische groei, minder werken, een mogelijke AI-belasting en zelfs een toekomst waarin inkomen minder vanzelfsprekend gekoppeld is aan arbeid. Ze lijken over verschillende onderwerpen te gaan, maar onder de oppervlakte stellen ze dezelfde vraag: als AI de verhouding tussen arbeid, productiviteit en welvaart verandert, wat willen wij dan dat werk voor mensen betekent? Hoe kan zingeving blijven bestaand als we op de achterbank van een robot zitten? In dit artikel probeer ik een aantal denkrichtingen bij elkaar te brengen.
De waarde van menselijk kapitaal
NRC schreef onlangs hoe AI mogelijk een nieuw tijdperk van economische groei kan veroorzaken. Als technologie steeds meer cognitieve taken kan uitvoeren, kan dezelfde hoeveelheid menselijke arbeid veel meer waarde creëren. Microsoft ziet die beweging ook. In de Work Trend Index 2026 staat hoe AI zich ontwikkelt van assistent naar agents die zelfstandig delen van het werk uitvoeren. Een belangrijke conclusie is: “The biggest factor behind AI impact isn’t individual. It’s organizational.” Dat raakt voor mij de kern. We hebben AI tot nu toe vooral als individueel adoptievraagstuk behandeld. Mensen leren prompten, krijgen Copilot en worden getraind om hun bestaande werk efficiënter te doen. Maar echte transformatie begint bij een andere vraag: welk werk willen we eigenlijk nog door mensen laten doen? En hoe zorgen we dat dit betekenisvol is?
Dat sluit aan bij een opiniestuk in de Volkskrant met titel :De menselijkheid van AI is een ontwerpkeuze. We praten vaak over technologie alsof het een natuurverschijnsel is: AI komt eraan, banen verdwijnen en organisaties moeten mee. Maar technologie heeft geen visie op hoe wij zouden moeten werken. Een algoritme vindt niet dat een verpleegkundige meer tijd met een patiënt verdient. Een AI-agent vindt niet dat een medewerker ruimte moet krijgen voor ontwikkeling, creativiteit of betekenis. Dat bepalen wij. Daarom geloof ik steeds minder dat we de toekomst van werk moeten proberen te voorspellen. We moeten haar ontwerpen. Dat is voor mij ook de essentie van The future of work is human. Hoe willen wij dat ons werk er over 30 jaar uitziet.
Nieuwe economische modellen
Thomas Piketty stelt in NRC dat we onder andere vanuit ecologisch perspectief veel minder zouden moeten werken. Onze productiviteit is de afgelopen eeuwen enorm gestegen, maar we hebben die winst vooral vertaald in meer productie en consumptie. Waarom niet in tijd? Als is helemaal niet werken voor mij uitsluitend positief scenario. Werk geeft ook structuur, ontwikkeling, sociale contacten, identiteit en betekenis. Maar minder of anders werken is wel degelijk mogelijk. Want wie profiteert van die productiviteitswinst? Het FD vroeg recent of er een AI-taks zou moeten komen. Ons economische systeem leunt immers sterk op arbeid: mensen verdienen loon en betalen daar belasting en premies over. AI-agents doen dat niet. Een ander FD-artikel verkent een toekomst waarin een deel van de enorme AI-productiviteitswinsten terugvloeit naar burgers. Ik weet niet wat het juiste economische model is. Maar de achterliggende vraag is essentieel: als AI steeds meer economische waarde creëert, hoe zorgen we ervoor dat die waarde ook menselijke vooruitgang oplevert? Mijn ideaal is niet een wereld waarin niemand meer werkt. Ik zou graag een wereld zien waarin mensen minder werken vanuit schaarste en angst en meer vanuit waarde én waarden: omdat ze willen bijdragen, leren, maken, verzorgen, oplossen en creëren.
Leiderschap & AI
Maar die herdefinitie van de toekomst van werk begint niet pas wanneer de overheid besluit over AI-belastingen of basisinkomens. Mensen en organisaties zouden deze keuze vandaag al moeten maken. Als een team dankzij AI hetzelfde werk in vier dagen kan doen in plaats van vijf, wat gebeurt er dan met die vijfde dag? Verhogen we de targets, verminderen we het aantal mensen of investeren we die tijd in ontwikkeling, innovatie en menselijk contact? En als mensen voelen dat ze productiever zijn door AI te gebruiken, waar spenderen ze dan de overige tijd aan? Als ik deze vraag nu stel aan mensen, krijg ik toch vooral glazige blikken. We proppen het vol met nog meer werk. Daar ligt voor mij de echte leiderschapsvraag. We zijn gefascineerd door voorspellingen over hoeveel banen AI gaat vervangen en wat technologie straks allemaal kan. Maar misschien is voorspellen niet onze belangrijkste opdracht maar juist het bepalen van een visie.
Een voorspelling maakt ons toeschouwer, een visie maakt ons verantwoordelijk.
Dat is voor mij de rode draad door al deze artikelen. Ze lijken te gaan over AI, economische groei, minder werken of belasting, maar uiteindelijk gaan ze over de keuze die voor ons ligt. AI kan ons productiever maken en tijd vrijspelen. Maar AI bepaalt niet wat we met die tijd en welvaart doen. The future of work is human. Niet ondanks AI, maar juist omdat wij bepalen wat we met AI mogelijk maken.
https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/opinie-de-menselijkheid-van-ai-is-een-ontwerpkeuze~b620b002/https://www.nrc.nl/nieuws/2026/08/10/mensen-moeten-in-hun-hoofd-krijgen-dat-we-in-een-nieuw-tijdperk-van-economische-groei-zitten-a4933522